Je staat om halfzeven op de bouwplaats, de verf moet om negen uur op de muur zitten, en aan het einde van de maand vraag je je af of dat brutobedrag op je loonstrookje eigenlijk klopt met de cao. Voor veel schilders in loondienst is die cao een bijlage die ze ondertekenden maar nooit lazen. Dat is begrijpelijk, maar het kost je mogelijk geld. Wij van Something.be leggen uit hoe de salarisschalen voor schilders in de bouw in elkaar zitten, wat toeslagen en vakantiegeld toevoegen, en wanneer een hogere functieschaal binnen handbereik ligt.
Wat de cao schilders precies regelt
De cao voor het Schilders-, Afwerkings- en Glaszetbedrijf (SAG) legt de minimumlonen vast voor iedereen die als schilder in loondienst werkt, net als de wetgeving voor contracten in België. Als jouw werkgever onder deze cao valt, en dat geldt voor de overgrote meerderheid van schildersbedrijven in Nederland en deels ook in de grensstreek met België, dan heeft de cao directe werking op jouw loonstrook. Je werkgever mag je niet minder betalen dan de cao-schalen voorschrijven.
De cao regelt ook zaken als werktijden, overwerk, vakantiedagen en bijscholing. Het is dus veel meer dan alleen een salaristabel.
De salarisschalen: van aankomend schilder tot voorman
Het loon hangt af van je functieniveau. De cao hanteert meerdere schalen, globaal in te delen als volgt:
- Aankomend schilder (leerling, BBL-traject): ruwweg 60 tot 80 procent van het volleerde loon, afhankelijk van leerjaar en leeftijd. Concreet kan dat neerkomen op zo’n €1.600 tot €2.100 bruto per maand.
- Gezel schilder (volleerd vakman): het basisniveau voor wie de opleiding heeft afgerond. Verwacht een brutoloon van ongeveer €2.400 tot €2.800 per maand.
- Senior schilder of allround vakman: met aantoonbare extra vaardigheden, bijvoorbeeld decoratietechnieken of restauratiewerk, loopt het loon op naar €2.900 tot €3.200 bruto.
- Voorman of uitvoerder: wie een ploeg aanstuurt of verantwoordelijk is voor de werkvoorbereiding, zit al snel op €3.200 tot €3.800 bruto of meer.
Dit zijn richtbedragen op basis van de actuele cao-schalen. Je werkgever mag hier altijd bóvenop betalen, nooit eronder.
Toeslagen die je loon flink kunnen verhogen
Je basisloon is pas het beginpunt. Veel schilders verdienen structureel meer dankzij toeslagen. Een greep uit de meest voorkomende:
- Overwerktoeslag: doorgaans 25 tot 50 procent bovenop je uurloon, afhankelijk van het tijdstip en de dag.
- Vuilwerktoeslag: bij het verwijderen van oud lak, asbesthoudend materiaal of werk in sterk vervuilde omgevingen.
- Hoogtetoeslag: werken op een steiger boven een bepaalde hoogte (vaak vanaf 4 of 5 meter) geeft recht op een extra percentage.
- Ploegendienst: minder gebruikelijk in de schildersbranche, maar bij grote industriële projecten of renovaties kan ploegendienst een forse bonus betekenen.
Als je regelmatig in aanmerking komt voor meerdere toeslagen tegelijk, kan je nettoloon per maand merkbaar hoger uitvallen dan je denkt op basis van je schaal alleen.
Vakantiegeld, ADV-dagen en andere looncomponenten
Naast het basisloon zijn er verborgen looncomponenten die je totale pakket aanvullen. De belangrijkste:
- Vakantiegeld: 8 procent van je jaarloon, meestal in mei of juni uitbetaald.
- ADV-dagen: schilders hebben recht op arbeidsduurverkorting. Die dagen vertegenwoordigen een financiële waarde die je óf opneemt als vrije dag, óf in sommige gevallen uitbetaald krijgt.
- Cao-fondsen: via het Schildersbedrijf Nederland fondsengebied kun je aanspraak maken op zaken als opleidingsgeld, pensioenbijdrage en soms een fietsplan.
Tel je dit allemaal op, dan ligt het totale arbeidskosten- en beloningspakket van een gezel schilder al snel 15 tot 20 procent hoger dan het kale brutoloon suggereert.
Loondienst versus zzp: dezelfde verfkwast, ander inkomen
Steeds meer schilders werken als zelfstandige. Als zzp’er verdien je per uur bruto meer, maar je draagt zelf zorg voor pensioensopbouw, ziekteverzekering en belastingaangiftes. Een zzp-schilder rekent in 2026 gemiddeld €35 tot €60 per uur, afhankelijk van specialisatie en regio. Maar na aftrek van kosten, belasting en verplichte verzekeringen valt het nettoverschil met loondienst kleiner uit dan het uurtarief doet vermoeden.
Wij van Something.be adviseren je als startende schilder om eerst in loondienst ervaring op te doen. De cao biedt zekerheid en je bouwt pensioen op zonder er zelf actief mee bezig te moeten zijn. Pas als je een solide klantennetwerk en een buffer hebt, maakt de overstap naar zzp financieel echt zin.
Regio, bedrijfsgrootte en specialisatie
De cao legt een vloer, geen plafond. In de praktijk betalen bedrijven in de Randstad of in groeiende steden als Utrecht en Eindhoven vaak iets meer dan het minimum om personeel te vinden. Een klein familiebedrijf in een landelijke gemeente betaalt doorgaans strikter op cao-niveau.
Specialisatie loont ook buiten de cao om. Een schilder met certificaten in restauratieschilderwerk, decoratieve technieken of industriële beschermcoatings trekt hogere tarieven en is schaars op de markt. Dat is onderhandelingsruimte die je kunt benutten.
Doorgroeien in beloning: hoe doe je dat concreet?
De stap van gezel naar senior of voorman is de meest directe manier om je loon te verhogen binnen de cao-structuur. Maar hoe zet je die stap?
Stap 1: Haal een erkend vakopleiding diploma via het ROC of via een BBL-traject bij een erkend leerbedrijf. Zonder diploma blijf je op het lagere schaaltraject hangen.
Stap 2: Behaal extra certificaten. Denk aan het certificaat veilig werken op hoogte, VCA-certificering voor gevaarlijke omgevingen of een cursus restauratieschilderen. Dit maakt je formeel breder inzetbaar.
Stap 3: Vraag actief om bijscholing via het Opleidingsfonds van de cao. Werkgevers zijn verplicht dit mee te financieren.
Stap 4: Bespreek je functieschaal jaarlijks met je werkgever. Als je aantoonbaar meer verantwoordelijkheid draagt dan je huidige schaal omschrijft, heb je een concreet argument voor opschaling.
Stap 5: Zet de stap naar voorman of uitvoerder zodra je de kans krijgt. Het loonverschil is aanzienlijk en de bijbehorende opleiding (vaak via de beroepsvereniging) is grotendeels gedekt door de cao-fondsen.
Het salaris van een schilder bestaat uit meer dan het brutobedrag op je loonstrookje. Vakantiegeld, ADV-toeslag en eventuele onregelmatigheidstoeslag maken het totaalplaatje aanzienlijk concreter. Wie weet in welke functieschaal hij valt en wat de bijbehorende rechten zijn, staat sterker bij een loongesprek of bij het controleren van zijn afrekening. Een erkend certificaat of een aantoonbare specialisatie kan de stap naar een hogere schaal versnellen. De cao is daarvoor het vertrekpunt, niet de eindbestemming.
